woensdag 26 maart 2008
donderdag 20 maart 2008
Gratie voor Fouad maar niet voor Boumalne Dades gevangenen
De Marokkaanse websurfer Fouad die als online identiteit ene prins Moulay Rachid had gekozen en daarom in een Marokaanse kerker werd opgesloten, heeft gratie gekregen van zijne doorluchtige hoogheid de koning van Marokko hemzelf.
Dat was dan het geval Fouad, maar hij was geen uitzondering.
Graag aandacht voor onderstaande petitie van Stichting Aknarij.
Er wordt gevraagd om bij wijze van steun een email te sturen aan tazart@aknarij.com maar de mail bounced vandaag met deze melding: "user over quota". Het verzoek is natuurlijk ook om deze petitie door te sturen naar je netwerk, vrienden en kennissen.
25 maart van 15.00 tot 16.00 uur vindt een protestactie voor de deur van de Marokkaanse ambassade in Den Haag (Oranjestraat 9, Den Haag) voor de vrijlating van de Boumalne Dades gevangenen.
Naar aanleiding van een protest op 6 januari 2008 in Boumalne Dades voor verbetering van levensomstandigheden en het opheffen van het sociale en culturele isolement van Imazighen (Berbers) uit het Zuiden van Marokko, heeft de Marokkaanse overheid tien personen -onder wie een Franse en een Canadese staatsburger van Marokkaanse afkomst- tijdens een rechtzaak op 26 februari veroordeeld tot een gezamenlijke gevangenis straf van 34 jaar (straffen variërend van 1 tot 10 jaar cel). Het protest was het directe gevolg van het feit dat duizenden gezinnen door hevige sneeuwval wekenlang verstoken waren van de meest basale levensbehoefte - waaronder drinkwater, elektriciteit en medicijnen - en de Marokkaanse overheid geen enkele actie ondernam om de bewoners van deze gebieden te hulp te schieten.
Het is te bizar voor woorden dat Marokko, een land dat pretendeert een rechtsstaat te zijn of in ieder geval te willen zijn, en sinds een aantal jaar de schijn wekt openbare vrijheden te waarborgen, ineens onschuldige mensen met zulke zware straffen oplegt. De mensen in kwestie hebben niets anders gedaan dan gebruik maken van hun recht om te protesteren tegen onrecht; een recht wat de Marokkaanse grondwet waarborgt, maar de Marokkaanse overheid niet respecteert.
Marokkaanse burgers in Europa zijn geschokt door de handelswijze, volgen in grote angst de ontwikkeling van de zaak en roepen de Marokkaanse overheid op een einde te maken aan dit onrecht en deze politieke gevangenen onmiddellijk vrij te laten. Daar komt bij dat de omstandigheden waaronder deze burgers zijn gearresteerd, gevangenen gezet en veroordeeld zeer verwerpelijk zijn. Zo is de families zelfs het recht ontzegd de rechtzitting bij te wonen.
Wij hechten er aan te benadrukken dat het gebied Boumalne Dades deel uitmaakt van de gebieden die, overeenkomstig de aanbevelingen van de IER (Commissie voor Verzoening en Rechtvaardigheid), collectieve schadeloosstelling zouden moeten krijgen voor de lange periode van marginalisering tijdens de zogenaamde jaren van lood.
Wij vragen aandacht voor deze onrechtmatige veroordelingen en repressie, niet alleen van de Marokkaanse overheid, maar ook van Nederlandse politici, de Nederlandse overheid, mensenrechtenactivisten en mensenrechten organisaties in Nederland. Het kan toch niet zo zijn dat Nederlandse politici, intellectuelen en bewuste burgers die strijden voor mensenrechten in China, vergeten dat in de achtertuin (of het voorportaal) van Europa ook mensenrechten worden geschonden. Of zijn het politieke belangen die bepalen welke mensen-rechtenschendingen al dan niet in aanmerking komen voor veroordeling en wordt er gemeten met twee maten?
Wij zullen in ieder geval blijven strijden voor een democratisch Marokko dat de vrijheid van meningsuiting respecteert, en vragen met klem van alle maatschappelijke actoren die de mond vol hebben over de vrijheid van meningsuiting ons in deze strijd te steunen.
Namens het comité van Nederland voor de vrijlating van de Boumalne Dades gevangenen.
Zie ook Collectief weblog met het laatste nieuws in het Arabisch en Frans
Dat was dan het geval Fouad, maar hij was geen uitzondering.
Graag aandacht voor onderstaande petitie van Stichting Aknarij.
Er wordt gevraagd om bij wijze van steun een email te sturen aan tazart@aknarij.com maar de mail bounced vandaag met deze melding: "user over quota". Het verzoek is natuurlijk ook om deze petitie door te sturen naar je netwerk, vrienden en kennissen.
25 maart van 15.00 tot 16.00 uur vindt een protestactie voor de deur van de Marokkaanse ambassade in Den Haag (Oranjestraat 9, Den Haag) voor de vrijlating van de Boumalne Dades gevangenen.
Naar aanleiding van een protest op 6 januari 2008 in Boumalne Dades voor verbetering van levensomstandigheden en het opheffen van het sociale en culturele isolement van Imazighen (Berbers) uit het Zuiden van Marokko, heeft de Marokkaanse overheid tien personen -onder wie een Franse en een Canadese staatsburger van Marokkaanse afkomst- tijdens een rechtzaak op 26 februari veroordeeld tot een gezamenlijke gevangenis straf van 34 jaar (straffen variërend van 1 tot 10 jaar cel). Het protest was het directe gevolg van het feit dat duizenden gezinnen door hevige sneeuwval wekenlang verstoken waren van de meest basale levensbehoefte - waaronder drinkwater, elektriciteit en medicijnen - en de Marokkaanse overheid geen enkele actie ondernam om de bewoners van deze gebieden te hulp te schieten.
Het is te bizar voor woorden dat Marokko, een land dat pretendeert een rechtsstaat te zijn of in ieder geval te willen zijn, en sinds een aantal jaar de schijn wekt openbare vrijheden te waarborgen, ineens onschuldige mensen met zulke zware straffen oplegt. De mensen in kwestie hebben niets anders gedaan dan gebruik maken van hun recht om te protesteren tegen onrecht; een recht wat de Marokkaanse grondwet waarborgt, maar de Marokkaanse overheid niet respecteert.
Marokkaanse burgers in Europa zijn geschokt door de handelswijze, volgen in grote angst de ontwikkeling van de zaak en roepen de Marokkaanse overheid op een einde te maken aan dit onrecht en deze politieke gevangenen onmiddellijk vrij te laten. Daar komt bij dat de omstandigheden waaronder deze burgers zijn gearresteerd, gevangenen gezet en veroordeeld zeer verwerpelijk zijn. Zo is de families zelfs het recht ontzegd de rechtzitting bij te wonen.
Wij hechten er aan te benadrukken dat het gebied Boumalne Dades deel uitmaakt van de gebieden die, overeenkomstig de aanbevelingen van de IER (Commissie voor Verzoening en Rechtvaardigheid), collectieve schadeloosstelling zouden moeten krijgen voor de lange periode van marginalisering tijdens de zogenaamde jaren van lood.
Wij vragen aandacht voor deze onrechtmatige veroordelingen en repressie, niet alleen van de Marokkaanse overheid, maar ook van Nederlandse politici, de Nederlandse overheid, mensenrechtenactivisten en mensenrechten organisaties in Nederland. Het kan toch niet zo zijn dat Nederlandse politici, intellectuelen en bewuste burgers die strijden voor mensenrechten in China, vergeten dat in de achtertuin (of het voorportaal) van Europa ook mensenrechten worden geschonden. Of zijn het politieke belangen die bepalen welke mensen-rechtenschendingen al dan niet in aanmerking komen voor veroordeling en wordt er gemeten met twee maten?
Wij zullen in ieder geval blijven strijden voor een democratisch Marokko dat de vrijheid van meningsuiting respecteert, en vragen met klem van alle maatschappelijke actoren die de mond vol hebben over de vrijheid van meningsuiting ons in deze strijd te steunen.
Namens het comité van Nederland voor de vrijlating van de Boumalne Dades gevangenen.
Zie ook Collectief weblog met het laatste nieuws in het Arabisch en Frans
woensdag 5 maart 2008
Nobelprijs voor van Walsum?
De bemiddelaar die is aangesteld door de Verenigde Naties in het conflict tussen het Koninkrijk Marokko en de Saharaans Arabisch Democratische Republiek is de nederlandse professor van Walsum.
Hoe gaat het met de professor? De vraag wordt in Nederland niet gesteld. In het kille polderland draait het nieuws om Wilders en zijn Marokkaanse tegenspelers maar de kwestie West Sahara is even onbekend als professor van Walsum.
Er is ook niet veel te melden.
Er zijn drie onderhandelingsronden geweest en binnenkort komt er nog een vierde.
Van Walsum heeft een reis om het conflictgebied gemaakt; door Marokko, Algerije en Mauretanië maar hij is niet in de Westelijke Sahara geweest. Dat is jammer want dan had hij kunnen zien wat voor graffiti de jongens van zijn vredesmacht over de archeologische bezienswaardigheden bij Tifariti hebben gespoten.
Peter van Walsum heeft wel Saharaanse vluchtelingen bezocht in hun kampen in de woestijn van zuid Algerije maar hij kon daar niemand hoop bieden. Dat is heel jammer want de vluchtelingenkampen bestaan al meer dan dertig jaar en het geduld en het vertrouwen in de Verenigde Naties begint op te raken. De stemming onder de vluchtelingen begint regelrecht oorlogzuchtig te worden. Het leiderschap van het Front Polisario blijft rustig en maant tot kalmte.
Maar naast de goed georganiseerde en ordelijke vluchtelingenkampen is er ook een ondergrondse Saharaanse beweging in het bezette gebied. Daar zijn de spanningen nog veel groter want de Saharanen staan er bloot aan vervolging door de Marokkaanse onderdrukkers. Die etnische spanningen bestaan ook in Marokko zelf want in het zuiden van dat land wonen veel Saharanen.
TanTan is een stad in zuid Marokko waar de USA graag een basis zou willen vestigen. De Amerikanen hebben daar al eens oefeningen gehouden met het Marokkaanse leger. In die stad is nu een Marokkaanse politieagent om het leven gebracht en de Marokkaanse bezetter geeft hiervan Saharanen de schuld. Het Polisario ontkent iets met de zaak van doen te hebben. Het Polisario heeft met dit soort acties dan ook heel veel te verliezen.
Het Saharaanse verzet binnen het bezette gebied is opvallend geweldloos en een belangrijke rol is weggelegd voor vrouwen. Een beroemde naam daarbij is Aminatou Haidar die de Zilveren Roos is toegekend en ook de Juan Maria Bandres mensenrechtenwerk-prijs, en zij heeft een nominatie voor de Sakharov prijs gekregen en het ereburgerschap van Napels. (Tijdens een bezoek aan Nederland heeft Aminatou Haidar overigensgeen weinig belangstelling gekregen.)
De ruimte voor geweldloze actie en verzet is echter heel klein. Er is veel woede en provocateurs kunnen makkelijk problemen uitlokken. In Noord Afrika is bovendien een wapenwedloop gaande tussen Algerije en Marokko. En Nederland pikt daarbij dure graantjes mee.
Wat doet Peter van Walsum er aan? Zo te zien helemaal niets. Als een kille technocraat doet hij plichtmatig de onderhandelingsrondjes terwijl hij daar zelf niet in lijkt te geloven. Wat zou er voor die man belangrijk zijn? Eigen ambitie en een mogelijke Nobelprijs voor de vrede? Of eigen ambitie en grote winst voor nederlandse wapenhandel?
Hoe gaat het met de professor? De vraag wordt in Nederland niet gesteld. In het kille polderland draait het nieuws om Wilders en zijn Marokkaanse tegenspelers maar de kwestie West Sahara is even onbekend als professor van Walsum.
Er is ook niet veel te melden.
Er zijn drie onderhandelingsronden geweest en binnenkort komt er nog een vierde.
Van Walsum heeft een reis om het conflictgebied gemaakt; door Marokko, Algerije en Mauretanië maar hij is niet in de Westelijke Sahara geweest. Dat is jammer want dan had hij kunnen zien wat voor graffiti de jongens van zijn vredesmacht over de archeologische bezienswaardigheden bij Tifariti hebben gespoten.
Peter van Walsum heeft wel Saharaanse vluchtelingen bezocht in hun kampen in de woestijn van zuid Algerije maar hij kon daar niemand hoop bieden. Dat is heel jammer want de vluchtelingenkampen bestaan al meer dan dertig jaar en het geduld en het vertrouwen in de Verenigde Naties begint op te raken. De stemming onder de vluchtelingen begint regelrecht oorlogzuchtig te worden. Het leiderschap van het Front Polisario blijft rustig en maant tot kalmte.
Maar naast de goed georganiseerde en ordelijke vluchtelingenkampen is er ook een ondergrondse Saharaanse beweging in het bezette gebied. Daar zijn de spanningen nog veel groter want de Saharanen staan er bloot aan vervolging door de Marokkaanse onderdrukkers. Die etnische spanningen bestaan ook in Marokko zelf want in het zuiden van dat land wonen veel Saharanen.
TanTan is een stad in zuid Marokko waar de USA graag een basis zou willen vestigen. De Amerikanen hebben daar al eens oefeningen gehouden met het Marokkaanse leger. In die stad is nu een Marokkaanse politieagent om het leven gebracht en de Marokkaanse bezetter geeft hiervan Saharanen de schuld. Het Polisario ontkent iets met de zaak van doen te hebben. Het Polisario heeft met dit soort acties dan ook heel veel te verliezen.
Het Saharaanse verzet binnen het bezette gebied is opvallend geweldloos en een belangrijke rol is weggelegd voor vrouwen. Een beroemde naam daarbij is Aminatou Haidar die de Zilveren Roos is toegekend en ook de Juan Maria Bandres mensenrechtenwerk-prijs, en zij heeft een nominatie voor de Sakharov prijs gekregen en het ereburgerschap van Napels. (Tijdens een bezoek aan Nederland heeft Aminatou Haidar overigens
De ruimte voor geweldloze actie en verzet is echter heel klein. Er is veel woede en provocateurs kunnen makkelijk problemen uitlokken. In Noord Afrika is bovendien een wapenwedloop gaande tussen Algerije en Marokko. En Nederland pikt daarbij dure graantjes mee.
Wat doet Peter van Walsum er aan? Zo te zien helemaal niets. Als een kille technocraat doet hij plichtmatig de onderhandelingsrondjes terwijl hij daar zelf niet in lijkt te geloven. Wat zou er voor die man belangrijk zijn? Eigen ambitie en een mogelijke Nobelprijs voor de vrede? Of eigen ambitie en grote winst voor nederlandse wapenhandel?
donderdag 21 februari 2008
geruststellende woorden
De Marokkaanse minister van Emigratiezaken Ameur heeft verklaard dat de band met Marokkanen in het buitenland moet worden aangehaald. Dat bracht nogal wat verontrusting teweeg. In het dagblad Trouw verschenen gerustellende woorden van drs. M.N. (Merel) Baracs. Deze deskundige heeft ervaring opgedaan bij de Nederlandse Ambassade in Marokko en zij werkt nu bij adviesburo Van der Bunt waar zij samen met haar Marokkaanse collega's Khalid Boutachekourt en Ila Kasem adviezen verstrekt aan de Nederlandse overheid.
De achtergrond informatie van Trouw is slechts dat Merel in 2007 veldonderzoek heeft gedaan naar de relatie van de Marokkaanse overheid met de Marokkanen in het buitenland. De krant zegt er niet bij in opdracht van wie dat onderzoek is verricht, en net zo min wat de uitkomst er van is. Toch kunnen we veilig aannemen dat deze deskundige in haar onderzoek het conflict rond de Westelijke Sahara volledig over het hoofd heeft gezien.
De status van West Sahara is wel belangrijk bij de integratie. Het is namelijk het belangrijkste politieke meningsverschil tussen Marokko en Nederland. Marokko beschouwd West Sahara als een provincie maar volgens Nederland is die claim niet rechtmatig. Marokko praat niet graag over deze kwestie en doet alsof er niets aan de hand is en Nederland durft er niet over te beginnen omdat men bang is voor reacties uit de Marokkaanse gemeenschap. Er zijn scholen in Nederland met Marokkaanse leerlingen waar de Marokkaanse politieke visie wordt onderwezen. Ondertussen wachten de Saharaanse vluchtelingen, die nu al meer dan dertig (!) jaar worden opgevangen in vluchtelingenkampen tot de Marokkanen zich terugtrekken. Zij moeten wachten omdat de publieke opinie onkundig is van hun lot. Marokko hoopt slechts dat de Saharanen verrekken en dat het probleem daarmee verdwijnt. Deze Marokkaanse politiek wordt gesteund door al die deskundigen die steeds weer het lot van de Saharanen over het hoofd zien, om onverklaarbare redenen. Uiteraard wordt Nederland geen gelukkiger land als er een Marokkaanse gemeenschap woont die wordt gevoed door zulk een hardvochtige politiek.
Overigens zijn de geruststellende woorden van deskundige Merel Baracs waarschijnlijk niet uit eigen initiatief naar dagblad Trouw opgestuurd. Het heeft er alle schijn van dat het stuk een poging is tot damage-control in de Nederlandse pers. Want het Marokkaanse propaganda-mechanisme is al jaren uitstekend geïntegreerd in Nederland.
De achtergrond informatie van Trouw is slechts dat Merel in 2007 veldonderzoek heeft gedaan naar de relatie van de Marokkaanse overheid met de Marokkanen in het buitenland. De krant zegt er niet bij in opdracht van wie dat onderzoek is verricht, en net zo min wat de uitkomst er van is. Toch kunnen we veilig aannemen dat deze deskundige in haar onderzoek het conflict rond de Westelijke Sahara volledig over het hoofd heeft gezien.
De status van West Sahara is wel belangrijk bij de integratie. Het is namelijk het belangrijkste politieke meningsverschil tussen Marokko en Nederland. Marokko beschouwd West Sahara als een provincie maar volgens Nederland is die claim niet rechtmatig. Marokko praat niet graag over deze kwestie en doet alsof er niets aan de hand is en Nederland durft er niet over te beginnen omdat men bang is voor reacties uit de Marokkaanse gemeenschap. Er zijn scholen in Nederland met Marokkaanse leerlingen waar de Marokkaanse politieke visie wordt onderwezen. Ondertussen wachten de Saharaanse vluchtelingen, die nu al meer dan dertig (!) jaar worden opgevangen in vluchtelingenkampen tot de Marokkanen zich terugtrekken. Zij moeten wachten omdat de publieke opinie onkundig is van hun lot. Marokko hoopt slechts dat de Saharanen verrekken en dat het probleem daarmee verdwijnt. Deze Marokkaanse politiek wordt gesteund door al die deskundigen die steeds weer het lot van de Saharanen over het hoofd zien, om onverklaarbare redenen. Uiteraard wordt Nederland geen gelukkiger land als er een Marokkaanse gemeenschap woont die wordt gevoed door zulk een hardvochtige politiek.
Overigens zijn de geruststellende woorden van deskundige Merel Baracs waarschijnlijk niet uit eigen initiatief naar dagblad Trouw opgestuurd. Het heeft er alle schijn van dat het stuk een poging is tot damage-control in de Nederlandse pers. Want het Marokkaanse propaganda-mechanisme is al jaren uitstekend geïntegreerd in Nederland.
zondag 17 februari 2008
aan: nederland@europarlement.eh
Diefjesmaat
Marokko heeft de Westelijke Sahara niet voor niets bezet. De natuurlijke rijkdommen van het gebied brengen veel geld op. Het gaat om fosfaat, uranium en vis.
Vis in de Sahara?
De Saharaanse kust is bezet door de Marokkaanse dictator Hassan II. Hij heeft de oorspronkelijke bewoners de woestijn in laten jagen. De gevluchtte Saharanen zijn opgevangen in de regio en sindsdien wonen zij in vluchtelingenkampen die worden beschermd door Algerije. Voor hun levensonderhoud zijn de vluchtelingen afhankelijk van de internationale gemeenschap. De Verenigde Naties vergaderen af en toe over dit schandaal maar zonder resultaat. Ondertussen verkoopt Marokko de natuurlijke rijkdommen uit het land. De Saharaanse fosfaat wordt afgegraven en per schip afgevoerd. De Saharaanse vis levert geld op via de verkoop van vislicenties.
Mag dat zomaar?
Deskundigen in het internationaal recht gunnen Marokko de titel van "administratieve macht" van het gebied. Op die titel kan Marokko de natuurlijke rijkdommen op de internationale markt aanbieden maar onder de voorwaarde dat de opbrengst ten goede komt aan de oorspronkelijke bevolking. En dat doet Marokko niet. De oorspronkelijke bevolking verkommert in vluchtelingenkampen.
Wat doet Nederland?
Het standpunt van Nederland is dat het internationaal recht moet worden gerespecteerd. Dat is zelfs in onze grondwet verankerd. Daarom kan door Nederland de annexatie van West Sahara niet worden erkend want het Internationaal Hof van Justitie heeft bepaald dat Marokko geen recht heeft op het gebied. Toen binnen de Europese Unie moest worden gestemd over een visserij-akkoord met Marokko waarbij de Saharaanse wateren als Marokkaans worden beschouwd heeft Nederland voor het akkoord gestemd, maar legde daarbij een verklaring af waarin wordt benadrukt dat dit geen erkenning betekent van de zeggenschap van Marokko over de Westelijke Sahara en dat de opbrengst van de visbestanden ook ten goede moet komen aan de oorspronkelijke bevolking. Hetzelfde geldt dan ook voor de fosfaat.
Het Nederlandse standpunt is gevaarlijk. Stel nu dat een Marokkaanse straatjongen een tasje steelt en het gestolen tasje verkoopt en de opbrengst aan de bestolen dame geeft. Is de diefstal dan ongedaan gemaakt? Zeker niet. Het eigendom is en blijft ontvreemd en de tasjesdief zal toch gestraft moeten worden om herhaling te voorkomen. Het goedpraten van de tasjesroof zal niemand overtuigen en op de gedupeerde zal het een verdachte indruk maken!
Zo maakt ook het Nederlandse standpunt over de grondstoffen uit de Westelijke Sahara een merkwaardige indruk.
Die indruk wordt versterkt door het gebrek aan Nederlandse belangstelling voor informatie over de opbrengst van de gestolen waar. Als men goedkeuring aan het exploiteren van Saharaanse grondstoffen koppelt aan de voorwaarde dat de opbrengst ten goede moet komen aan Saharanen dan moet men toch informeren of de opbrengst daar inderdaad terecht komt. En als dat niet het geval is dan moet daar wel een vervolg aan worden gegeven.
Dat vervolg zou moeten bestaan uit: het alsnog intrekken van de goedkeuring; het plaatsen van de gewonnen grondstoffen op een zwarte lijst van gestolen spullen, en het verhandelen verbieden; en te zorgen dat de de reeds behaalde winsten alsnog bij de rechtmatige eigenaars terechtkomen.
Als men die gevolgtrekkingen niet wil of kan maken is de gestelde voorwaarde niets anders dan kletspraat van een diefjesmaat.
Mijn vraag aan u, als Nederlandse verantwoordelijke bij de Europese Unie, is in hoeverre duidelijk is hoe het staat met de handel in de Saharaanse grondstoffen en wanneer de Saharaanse vluchtelingen hun deel van de opbrengst in ontvangst kunnen nemen.
Hoogachtend,
Mahmoud Van Kaas
Marokko heeft de Westelijke Sahara niet voor niets bezet. De natuurlijke rijkdommen van het gebied brengen veel geld op. Het gaat om fosfaat, uranium en vis.
Vis in de Sahara?
De Saharaanse kust is bezet door de Marokkaanse dictator Hassan II. Hij heeft de oorspronkelijke bewoners de woestijn in laten jagen. De gevluchtte Saharanen zijn opgevangen in de regio en sindsdien wonen zij in vluchtelingenkampen die worden beschermd door Algerije. Voor hun levensonderhoud zijn de vluchtelingen afhankelijk van de internationale gemeenschap. De Verenigde Naties vergaderen af en toe over dit schandaal maar zonder resultaat. Ondertussen verkoopt Marokko de natuurlijke rijkdommen uit het land. De Saharaanse fosfaat wordt afgegraven en per schip afgevoerd. De Saharaanse vis levert geld op via de verkoop van vislicenties.
Mag dat zomaar?
Deskundigen in het internationaal recht gunnen Marokko de titel van "administratieve macht" van het gebied. Op die titel kan Marokko de natuurlijke rijkdommen op de internationale markt aanbieden maar onder de voorwaarde dat de opbrengst ten goede komt aan de oorspronkelijke bevolking. En dat doet Marokko niet. De oorspronkelijke bevolking verkommert in vluchtelingenkampen.
Wat doet Nederland?
Het standpunt van Nederland is dat het internationaal recht moet worden gerespecteerd. Dat is zelfs in onze grondwet verankerd. Daarom kan door Nederland de annexatie van West Sahara niet worden erkend want het Internationaal Hof van Justitie heeft bepaald dat Marokko geen recht heeft op het gebied. Toen binnen de Europese Unie moest worden gestemd over een visserij-akkoord met Marokko waarbij de Saharaanse wateren als Marokkaans worden beschouwd heeft Nederland voor het akkoord gestemd, maar legde daarbij een verklaring af waarin wordt benadrukt dat dit geen erkenning betekent van de zeggenschap van Marokko over de Westelijke Sahara en dat de opbrengst van de visbestanden ook ten goede moet komen aan de oorspronkelijke bevolking. Hetzelfde geldt dan ook voor de fosfaat.
Het Nederlandse standpunt is gevaarlijk. Stel nu dat een Marokkaanse straatjongen een tasje steelt en het gestolen tasje verkoopt en de opbrengst aan de bestolen dame geeft. Is de diefstal dan ongedaan gemaakt? Zeker niet. Het eigendom is en blijft ontvreemd en de tasjesdief zal toch gestraft moeten worden om herhaling te voorkomen. Het goedpraten van de tasjesroof zal niemand overtuigen en op de gedupeerde zal het een verdachte indruk maken!
Zo maakt ook het Nederlandse standpunt over de grondstoffen uit de Westelijke Sahara een merkwaardige indruk.
Die indruk wordt versterkt door het gebrek aan Nederlandse belangstelling voor informatie over de opbrengst van de gestolen waar. Als men goedkeuring aan het exploiteren van Saharaanse grondstoffen koppelt aan de voorwaarde dat de opbrengst ten goede moet komen aan Saharanen dan moet men toch informeren of de opbrengst daar inderdaad terecht komt. En als dat niet het geval is dan moet daar wel een vervolg aan worden gegeven.
Dat vervolg zou moeten bestaan uit: het alsnog intrekken van de goedkeuring; het plaatsen van de gewonnen grondstoffen op een zwarte lijst van gestolen spullen, en het verhandelen verbieden; en te zorgen dat de de reeds behaalde winsten alsnog bij de rechtmatige eigenaars terechtkomen.
Als men die gevolgtrekkingen niet wil of kan maken is de gestelde voorwaarde niets anders dan kletspraat van een diefjesmaat.
Mijn vraag aan u, als Nederlandse verantwoordelijke bij de Europese Unie, is in hoeverre duidelijk is hoe het staat met de handel in de Saharaanse grondstoffen en wanneer de Saharaanse vluchtelingen hun deel van de opbrengst in ontvangst kunnen nemen.
Hoogachtend,
Mahmoud Van Kaas
dinsdag 12 februari 2008
nederlands marokkaanse politiek
Tofik Dibi is een jong Nederlands kamerlid dat ook een Marokkaans paspoort bezit. Hij heeft de plicht om stelling te nemen tégen Wilders en vóór de Marokkaanse gemeenschap in Nederland. Groen Links is een partij waarin deze werkverdeling vaker voorkomt. Men noemt dat cliëntelisme. Nu Tofik Dibi in deze dagen stelling neemt tegen Wilders doet hij dat vanwege zijn Marokkaanse afkomst.
Tofik heeft als nederlandse socialist ook de plicht om zich uit te spreken tégen de Marokkaanse bezetting van de Westelijke Sahara. De Marokkaanse bezetting wordt door Nederland niet erkend en overigens door geen enkel ander land. Die bezetting is een schending van het internationaal recht. De Westelijke Sahara is een typisch voorbeeld van de Marokkaans-Islamitische expansiedrift waar mensen hier terecht bang voor zijn.
Groen Links veroordeeld de annexatie van West Sahara en zou daarom moeten protesteren tegen de verkoop van fregatten aan Marokko zoals onlangs bekend werd gemaakt.
Maar daarover zwijgt Groen Links totnutoe, en wie zwijgt stemt toe...
Het is mijn inziens beter als Tofik Dibi zich uitspreekt tegen de Marokkaanse bezetting van de Westelijke Sahara -en tegen de levering van wapens aan Marokko- en een Groen-Links collega van Nederlandse afkomst zich bezig houdt met Wilders.
Andersom kan ook wel - maar spreken over Wilders en blijven zwijgen over wapenhandel - dat kan niet.
Tofik heeft als nederlandse socialist ook de plicht om zich uit te spreken tégen de Marokkaanse bezetting van de Westelijke Sahara. De Marokkaanse bezetting wordt door Nederland niet erkend en overigens door geen enkel ander land. Die bezetting is een schending van het internationaal recht. De Westelijke Sahara is een typisch voorbeeld van de Marokkaans-Islamitische expansiedrift waar mensen hier terecht bang voor zijn.
Groen Links veroordeeld de annexatie van West Sahara en zou daarom moeten protesteren tegen de verkoop van fregatten aan Marokko zoals onlangs bekend werd gemaakt.
Maar daarover zwijgt Groen Links totnutoe, en wie zwijgt stemt toe...
Het is mijn inziens beter als Tofik Dibi zich uitspreekt tegen de Marokkaanse bezetting van de Westelijke Sahara -en tegen de levering van wapens aan Marokko- en een Groen-Links collega van Nederlandse afkomst zich bezig houdt met Wilders.
Andersom kan ook wel - maar spreken over Wilders en blijven zwijgen over wapenhandel - dat kan niet.
الجبن is Arabisch voor kaas
Marokko is in het Arabisch المغرب
Nederland is in het Arabisch هولندا
صحراء كبرى is Arabisch voor Sahara
الصحراء الغربية is Arabisch voor West Sahara
en الجبن is Arabisch voor kaas
Nederland is in het Arabisch هولندا
صحراء كبرى is Arabisch voor Sahara
الصحراء الغربية is Arabisch voor West Sahara
en الجبن is Arabisch voor kaas
Abonneren op:
Posts (Atom)