zaterdag 2 november 2013

Marokko nog even in de Veiligheidsraad

Marokko heeft nog even een zetel in de Veiligheidsraad. De zetel mag het  islamitische koninkrijk gebruiken in de jaren 2012 en 2013.
In die twee jaar is de Arabische wereld veranderd. De door Marokko gehate Khadaffi is met steun van Islamistische terreurgroepen en de VN vermoord. Het door Marokko gehate Syrië is zwaar beschadigd maar is ontkomen aan een VN interventie. De Malinese overheid is bezweken onder de aanvallen van de terreurgroepen maar is gered door een VN interventie. Mali heeft, net als Libië en Syrië, diplomatieke betrekkingen met de republiek West-Sahara en dat is genoeg reden voor Marokko om ook daar voorstander te zijn van "regime change".

Het regime in Mali is inderdaad veranderd. Het is eerst vernietigd, in een vreemde samenwerking tussen coupplegers (Sanogo) en separatisten (MNLA),   Islamisten, (Ansar Dine, AQIM) en smokkelaars (MUJAO). Het wordt opnieuw opgebouwd in een samenwerking van de VN, de Afrikaanse Unie, machtig buurland Algerije, en Frankrijk dat de militaire kracht levert samen met Tsjaad.

En Marokko? Dat wordt bij de militaire samenwerking buitenboord gehouden. Want de samenwerking met Algerije is toch belangrijker. Dat land moet de lange woestijngrenzen met Mali en Libië dichthouden. De Franse luchtmacht moet over Algerijns gebied. Algerije is een ernstige bondgenoot: terroristen hebben in Mali Algerijnse diplomaten gegijzeld en in Algerije zelf een aanslag gepleegd op een olieraffinaderij en hulpverleners ontvoerd uit een Saharaans kamp. In dat laatste geval wordt Marokko beschuldigd van betrokkenheid.

Marokko zoekt dus andere soort invloed. Koning Mohamed VI heeft de inhuldiging van de nieuwe regering bezocht met een indrukwekkende delegatie. En de Marokkaanse heiligman brengt geschenken mee zoals een hospitaal en.... honderden Marokkaanse imams. Om, zoals hij zegt, de Malinezen een tolerante Islam te onderwijzen.

Maar dat is niet alles. De Marokkaans-nationalistische partij Istiqlal heeft een samenwerkingsverband gesloten met een Malinese partij, RDA UM. Hoe fijn is dat? De leider van de Istiqlal die in Bamako op bezoek kwam is meneer Hamid Chabat die dit jaar uit de regering is gestapt. Dezelfde meneer Chabat die oproept tot het veroveren van de regio Tindouf in Algerije, wegens historische banden. Dat klonk wat raar (maar niet onbekend) en in Algerije heeft men rustig de schouders opgehaald over de Marokkaanse gek.

Een Marokkaanse aanval op die regio in het zuid-westen van Algerije zou kans hebben gehad als de ontwrichting van Algerije vanuit het oosten en zuiden, Libië en Mali, op gang was gekomen. Dan zou ook Ferhat Mehenni, de president van de Voorlopige Regering van Kabylië, in ballingschap in Frankrijk, die in het noorden een enclave in Algerije ter bevrijding in de aanbieding heeft, van pas zijn gekomen voor degenen die Algerije zouden willen destabiliseren of "democratiseren".
Maar de tijd voor Marokko in de Veiligheidsraad zit er bijna op. Dit scenario blijft voorlopig in de kast.


De strijd van Marokko tegen Al Qaida gaat door: de hoofdredacteur van Lakome  Ali Anouzla is opgepakt omdat hij had geschreven over een Al Qaida filmpje. De strijd tegen kussende teenagers gaat door. De strijd tegen demonstranten in West-Sahara gaat ook door. De strijd tegen Algerije is bloedeloos en komt niet verder dan het terugroepen van een ambassadeur en het neerhalen van de Algerijnse vlag.
Maar in de strijd tegen illegalen heeft de Marokkaanse marine twee jongens uit de Spaanse stad Melilla doodgeschoten.
Misschien moet er toch nog eens worden nagedacht over de levering van die Nederlandse fregatten?


zondag 1 september 2013

Knip en plakwerk

over de situatie van de mensenrechten in de Sahel (2013/2020(INI))
Commissie buitenlandse zaken
Rapporteur: Charles Tannock

-knip-

– gezien het verslag van de secretaris-generaal van de VN aan de VN-Veiligheidsraad over de Westelijke Sahara van 8 april 2013, en met name de verwijzing hierin naar de onderlinge verwevenheid van de Westelijke Sahara en de situatie in de Sahel, 

-knip-

B. overwegende dat deze resolutie betrekking heeft op de landen die zijn opgenomen in de Sahel-strategie van de EU, met name Mauritanië, Mali, Niger en bepaalde delen van Burkina Faso en Tsjaad; overwegende dat de bredere geografische en ecologische definitie van de Sahel van groot belang blijft met betrekking tot de gedeelde uitdagingen van de regio op mensenrechtengebied; overwegende dat in dit verslag tevens de mensenrechtensituatie in de Westelijke Sahara en de kampen bij Tindouf zullen worden behandeld;

-knip-

 F. overwegende dat complexe en onderling verweven problemen een efficiënte coördinatie van de verschillende beleidsmaatregelen van de EU vereisen, waarbij inspanningen van de EU op het gebied van mensenrechten, ondersteuning van de democratie en de rechtsstaat moeten worden gekoppeld aan de doelstellingen van de EU op het gebied van crisisbeheer, de veiligheidssector, ontwikkelingssamenwerking en ecologische duurzaamheid;

G. overwegende dat samenwerking van de EU met de Afrikaanse Unie (AU), de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten (Ecowas), regionale mensenrechteninstanties en de VN-organen voor mensenrechten een absolute voorwaarde is voor de effectief ondersteuning van de bescherming en bevordering van mensenrechten in de Sahel;
   
H. overwegende dat in de Westelijke Sahara sinds 1991 een staakt-het-vuren van kracht is tussen de Marokkaanse regering en het Polisario-front; overwegende dat de VN de Westelijke Sahara beschouwen als een niet-zelfbesturend gebied; overwegende dat geen enkel land de Marokkaanse soevereiniteit over de Westelijke Sahara erkent; overwegende dat de Democratische Arabische Republiek Sahrawi momenteel door de Afrikaanse Unie en meer dan 45 VN-lidstaten wordt erkend, doch niet door de gehele VN noch door de lidstaten van de EU; overwegende dat de VN en de EU Marokko niet expliciet als een bezettingsmacht beschouwen; overwegende dat een referendum over de status van de Westelijke Sahara, waarover in 1988 voor het eerst overeenstemming werd bereikt, nog steeds niet heeft plaatsgevonden;


I. overwegende dat de vluchtelingenkampen nabij Tindouf in Algerije, die zevenendertig jaar geleden werden opgezet, de op een na grootste operationele vluchtelingenkampen ter wereld zijn; overwegende dat een politieke impasse iedere realistische mogelijkheid voor ontmanteling van deze kampen in de nabije toekomst, of hervestiging of repatriëring van de inwoners ervan, in de weg staat;

J. overwegende dat de VN-missie voor het referendum in de Westelijke Sahara (MINURSO) de enige VN-missie is die geen mensenrechtencomponent in haar mandaat heeft, en niet voorziet in een mechanisme voor de melding van vermeende mensenrechtenschendingen; overwegende dat zowel de Marokkaanse regering als het Polisario-front van mensenrechtenschendingen zijn beschuldigd;

-knip-

 Mensenrechtenoverwegingen in de Westelijke Sahara en de Tindouf-kampen


36. neemt kennis van het verslag van de secretaris-generaal van de VN van april 2013 over de Westelijke Sahara, waarin wordt benadrukt dat "het van cruciaal belang is om het conflict betreffende de Westelijke Sahara aan te pakken als onderdeel van een bredere strategie voor de Sahel", en dat "de mensenrechtenkwestie van groot belang blijft voor een eventuele oplossing van het conflict"; wijst voorts op de conclusies van veel waarnemers dat de Westelijke Sahara dreigt te destabiliseren als gevolg van het conflict in de Sahel en de groeperingen die bij dit conflict betrokken zijn;

37. benadrukt dat mensenrechten in de Westelijke Sahara in aanmerking moeten worden genomen zonder vooruit te lopen op een eventuele definitieve politieke overeenkomst en zonder een mening tot uiting te brengen met betrekking tot een dergelijke overeenkomt; herhaalt niettemin dat zelfbeschikking een fundamenteel mensenrecht is, zoals vastgelegd in artikel 1 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten van de VN; herinnert voorts aan resolutie 1754 van de VN-Veiligheidsraad waarin de partijen worden opgeroepen in goed vertrouwen onderhandelingen te openen, zonder voorwaarden vooraf, "teneinde te komen tot een rechtvaardige, duurzame en voor alle partijen aanvaardbare politieke oplossing, die voorziet in zelfbeschikking van de bevolking van de Westelijke Sahara"; vreest dat de vertraging van 25 jaar bij de organisatie van een referendum de vervreemding van de Sahrawi en het gevaar van geweld vergroot, met name onder jongeren;

38. spreekt zijn ernstige bezorgdheid uit over het recente verslag van de speciale vertegenwoordiger van de VN inzake marteling, waaruit blijkt dat Marokkaanse functionarissen personen op politieke gronden gevangen hebben gezet, zich schuldig hebben gemaakt aan marteling en verkrachting van Sahrawi-gedetineerden, actievoerders hebben ontvoerd en achtergelaten, en advocaten die voor onafhankelijkheid zijn herhaaldelijk en onder meer thuis hebben lastiggevallen; wijst voorts op de wijdverspreide beschuldigingen inzake gedwongen verdwijningen en oneerlijke processen; wijst met name op de ontmanteling van het protestkamp van Gadaym Izik in november 2010, waarbij als gevolg van het aanzienlijke geweld zowel Marokkaanse als Sahrawi-doden vielen, en het latere proces tegen 25 Sahrawi's, van wie velen bekend staan als mensenrechtenactivisten, in februari 2013; neemt kennis van Marokko's ongewijzigde standpunt dat het proces eerlijk en naar behoren is verlopen, en van de positieve conclusies van enkele internationale waarnemers, maar herinnert tevens aan de bezorgdheid van de speciale vertegenwoordiger van de VN over het gebruik van een militaire rechtbank, de beschuldigingen inzake marteling, en het onvermogen van de Marokkaanse autoriteiten om deze beschuldigingen te onderzoeken; wijst op de conclusies van enkele ngo's en mensenrechtenwaarnemers met betrekking tot de vermeende politieke vervolgingen in de zaak, de gebrekkige bewijslast en excessieve straffen; dringt er derhalve bij de Marokkaanse autoriteiten op aan om samen te werken met het maatschappelijk middenveld en andere actoren, teneinde de transparantie en eerlijkheid van gerechtelijke procedures te waarborgen, en om onderzoek te doen naar en vervolging in te stellen tegen veiligheidsfunctionarissen die ervan worden beschuldigd betrokken te zijn bij willekeurige gevangenneming, marteling en andere vormen van machtsmisbruik;

39. wijst nogmaals op de in het verslag van de OHCHR van 2006 verwoorde zorgen inzake beperkingen van de vrijheid van meningsuiting, vergadering en vereniging in de Westelijke Sahara; neemt kennis van de bewering van Marokko dat het sit-indemonstraties en andere vormen van protest toestaat; betreurt dat Marokko ngo's die zich voor onafhankelijkheid uitspreken klaarblijkelijk via institutionele weg tegenwerkt door hun wettelijke registratie en erkenning te verhinderen; veroordeelt de vaak strenge straffen voor "ondermijning van de Marokkaanse territoriale integriteit", een wetgevingsinstrument dat naar verluidt wordt gebruikt om Sahrawi's die voor onafhankelijkheid pleiten, te dwarsbomen; herinnert aan de bevindingen van de onafhankelijke deskundige van de VN inzake culturele rechten dat de Marokkaanse autoriteiten bepaalde aspecten van de Sahrawi-cultuur onderdrukken, en herhaalt de oproep van deze deskundige om een einde aan deze maatregelen te maken en volledige culturele diversiteit te bevorderen;

40. is ingenomen met de aanzienlijke economische en infrastructurele ontwikkeling die de Marokkaanse regering in de Westelijke Sahara tot stand heeft gebracht; blijft evenwel bezorgd over het voortdurende conflict inzake de exploitatie van de natuurlijke hulpbronnen in het gebied, met name uit de fosfaatmijnen, de visserij en de olie-exploratie; herinnert aan het advies van de adjunct-secretaris-generaal van de VN voor juridische zaken uit 2002, waarin werd gewezen op de "onvervreemdbare rechten" van de bevolking van de Westelijke Sahara op de natuurlijke hulpbronnen van hun gebied, en waarin werd bepaald dat verdere exploitatie "waarbij de belangen en wensen van de bevolking van de Westelijke Sahara buiten beschouwing worden gelaten" illegaal zouden zijn; benadrukt in dit verband dat goederen en hulpbronnen van de Westelijke Sahara moeten worden uitgezonderd van alle handelsovereenkomsten tussen Marokko en de EU, tenzij de toestemming van en de baten voor de Sahrawi-bevolking duidelijk kunnen worden aangetoond; wijst er met grote bezorgdheid op dat de EU geen nieuwe visserijovereenkomst met Marokko moet sluiten zolang er geen oplossing voor de controverse is gevonden;

41. wijst erop dat landmijnen in de Westelijke Sahara ten minste 2 500 tragische slachtoffers hebben geëist sinds 1975, nog altijd een bedreiging zijn voor vele duizenden Sahrawi-nomaden, en een ernstige belemmering vormen voor een oplossing van het conflict in de Westelijke Sahara en de vluchtelingensituatie; prijst in dit verband het werk van MINURSO, het Koninklijke Marokkaanse Leger, Lindmine Action en andere organisaties om de desbetreffende gebieden in kaart te brengen en van landmijnen te ontdoen, en moedigt alle actoren aan alles in het werk te stellen om de bevolking voor te lichten, slachtoffers bij te staan en alle resterende munitie te verwijderen;

42. uit zijn diepe bezorgdheid over de chronische armoede en het gebrek aan basisvoorzieningen en behoorlijke huisvesting in de door het Polisario-front bestuurde vluchtelingenkampen nabij Tindouf; herhaalt de aanbevelingen van de speciale vertegenwoordiger van de VN inzake behoorlijke huisvesting dat hiertoe voldoende financiële middelen ter beschikking moeten worden gesteld; wijst in dit verband op het gebrek aan duidelijke documentatie over het precieze aantal bewoners van de Tindouf-kampen, en dringt er bij de autoriteiten op aan regelmatig tellingen of officiële registraties uit te voeren of deze te faciliteren; 

43. vreest dat de armoede in de Tindouf-kampen in combinatie met het ontbreken van langetermijnperspectieven voor veel vluchtelingen, hen kwetsbaar maakt voor radicalisering in religieus fundamentalistische richting; vraagt aandacht voor de poreuze grenzen van het gebied, hetgeen diepere infiltratie van de kampen door jihadistische groeperingen uit het noorden van Mali en elders, dreigt te vergemakkelijken; benadrukt daarom dat het van zeer groot belang is om de veiligheid en de beveiliging van de kampen te waarborgen;

44. wijst erop dat hoewel de meest recente waarnemers, verslagen van het OHCHR, het Robert F. Kennedy Center for Justice and Human Rights en Human Rights Watch weinig bewijs hebben gevonden voor systematische en institutionele mensenrechtenschendingen in de kampen, veel actoren, met inbegrip van de Marokkaanse regering, Marokkaanse ngo's en enkele voormalige bewoners van de Tindouf-kampen, de Polisario-autoriteiten ervan hebben beschuldigd de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van beweging van bewoners te beperken, slavernij toe te passen of toe te staan, kinderen tot een huwelijk te dwingen, en families te scheiden teneinde de kinderen naar Cuba te sturen voor militaire training; wijst erop dat Polisario deze beschuldigingen krachtig ontkent en stelt dat zij politiek gemotiveerd zijn; dringt er derhalve bij Polisario op aan om onafhankelijke mensenrechtenwaarnemers volledig, regelmatig en ongestoord toegang tot de kampen te verschaffen; dringt er, gezien het vermeende bewijs van resterende vormen van particuliere slavernij in zowel de Tindouf-kampen als in de Westelijke Sahara, bij de autoriteiten van Polisario en Marokko op aan hun inspanningen te verdubbelen om een einde aan deze praktijk te maken en de slachtoffers te rehabiliteren;

45. is verheugd over de inspanningen om de documentatie over vermeende
mensenrechtenschendingen in de Westelijke Sahara te verbeteren, met name door de oprichting van de Marokkaanse nationale raad voor mensenrechten die in Laayoune en Dakhla zetelt; neemt kennis van het positieve werk van deze raad en dringt er bij de Marokkaanse regering op aan de onafhankelijkheid en de bevoegdheden ervan te versterken en zijn aanbevelingen ten uitvoer te leggen; is voorts ingenomen met de Marokkaanse uitnodiging en ontvangst van internationale ad-hocdelegaties, met inbegrip van de speciale vertegenwoordiger van de VN inzake marteling, en dringt er bij alle betrokken partijen op aan op soortgelijke wijze te blijven samenwerken met de mensenrechtenorganen van de VN;

46. neemt niettemin kennis van de ernstige en betwiste beschuldigingen aan het adres van zowel de Marokkaanse als de Polisario-autoriteiten, en herinnert aan de nadruk die de secretaris-generaal van de VN recentelijk legde op "onafhankelijk, onpartijdig, alomvattend en duurzaam toezicht op de mensenrechtensituatie in zowel de Westelijke Sahara als de kampen"; wijst er in dit verband op dat de VN in april 2013 het mandaat van MINURSO niet hebben versterkt met een mensenrechtendimensie; spoort de VN aan dit alsnog te doen of anders een nieuwe, permanente, onpartijdige mensenrechteninstantie op te richten die belast wordt met het toezicht op en de verslaglegging over de algehele mensenrechtensituatie en met het onderzoek naar individuele klachten; dringt erop aan dat een dergelijke instantie ook betrekking moet hebben op het door Marokko gecontroleerde deel van de Westelijke Sahara, de Tindouf-kampen en ander grondgebied dat onder controle van het Polisario-front staat;

47. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de speciale vertegenwoordigers van de EU voor de mensenrechten en voor de Sahel, de EU-lidstaten, de regeringen en de parlementen van de Sahel-landen, Marokko, Algerije en het Polisario-front, de secretaris-generaal van de VN en de VN-Veiligheidsraad, de voorzitter en de secretaris-generaal van de commissie van de AU, en de voorzitter en commissievoorzitter van de Ecowas.

zondag 4 augustus 2013

Wist 't niet.

De troonsbestijging van Koning Mohamed de Zesde in 1999 leek een belofte in te houden. Marokko smachtte naar een einde aan het structurele staatsgeweld,  de vernedering en armoede. De nieuwe koning liet gevangenen vrij, de censuur  werd versoepeld en een verzoeningscommissie werd ingesteld. Een nieuwe koning van een nieuwe generatie in een nieuw millenium beloofde nieuwe kansen. De troonsbestijging wordt elk jaar gevierd en om de feestvreugde te verhogen wordt dan gratie verleend aan gevangenen.
Dit jaar had Mohamed een paar dagen voor het feest zijn Spaanse collega op bezoek en die vroeg Mohamed of er wat Spaanse gevangenen vrijgelaten konden worden. En zo geschiedde.

Onder de gevangenen waren geen Saharaanse politieke gevangenen maar wel  een aantal drugsdealers en ook een Spaanse pedofiel die minstens elf kinderen had misbruikt. Op Twitter ontstond al snel de hashtag #Danielgate genoemd naar de pedofiel Daniel, waarvan wordt gezegd dat hij een Spaanse spion is en een genaturaliseerde Irakees. Demonstraties tegen het koninklijk besluit tot vrijlating werden met geweld uit elkaar geslagen. Na een paar dagen verscheen een verklaring waarin werd gesteld dat de koning niet wist dat hij een pedofiel gratie had verleend. Het hoongelach werd op Twitter vertaald in de hashtag  "Ik wist 't niet". De koning heeft de lijst getekend maar niet gelezen.  Het is een aannemelijke verklaring. Mohamed zal heel veel niet weten. Waarschijnlijk heeft hij ook de uitspraak van het Internationaal Hof van Justitie over West-Sahara niet gelezen. Daarom kan zijn grote macht, onder andere om naar eigen goeddunken mensen vrij te laten, of de grenzen van Marokko te verruimen, beter ingeperkt worden.

Ook in Spanje worden vragen gesteld. De Spaanse hashtag op Twitter is #kingrape. Er is ook een kingrape website. Het Spaanse blog Desde el Atlantico richt zijn pijlen vooral op de Spaanse koning.





woensdag 3 juli 2013

Beleefd Europa


Europeanen zijn er in allerlei vormen, soorten en maten. En die hebben dus ook verschillende verhoudingen met Marokko.

Zo zijn er de Engelsen. Die hebben kortgeleden het jubileum gevierd van de Marokkaans - Britse vriendschap die maar liefst 800 jaar oud zou zijn. Toe maar!

In 2004 werd de 400-ste verjaardag van de Marokkaans - Nederlandse diplomatieke betrekkingen op koninklijke wijze gevierd. Dat werd luister bijgezet met een pracht-tentoonstelling in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. De tentoonstelling opende een maand na de moord op Theo van Gogh. De bezoeker kon een fraaie catalogus bekomen met daarin een landkaart van Marokko. Dat was tegen het zere been van de Marokkaanse koning want tussen Marokko en West-Sahara stond een stippellijn. Mohamed VI reageerde verbolgen en klaagde bij zijn Nederlandse collega over aantasting van zijn soevereiniteit. Er werd snel toegegeven aan de koninklijke eis en de kaart werd rap aangepast aan de wensen van de dictator. Daartegen werd alleen protest aangetekend door een klein groepje sympathisanten met het Saharaanse volk die een pamflet uitdeelden bij de Nieuwe Kerk en het Tropenmuseum. Zij werden door Marokkanen bedreigd maar dat haalde de krant niet.
In het Europees parlement werden vragen gesteld. 
De hele rel werd door het royalistische blad de Groene Amsterdammer weggepoetst maar het SICA maakt nog wel melding van het diplomatiek incident.
In 2010 zou dan nog eens gevierd worden dat Nederland en Marokko 400 jaar  economische  betrekkingen onderhouden.


En hoe zit dat met die Engelsen? Hoe komen ze bij die 800 jaar?
Het geval wil dat de geschiedschrijver Paris een roddelverhaal heeft geschreven over Koning Jan van Engeland die problemen had met de Paus en daarom Muhammad Al Nassir om hulp zou hebben gesmeekt waarbij Jan zelfs zou hebben beloofd om Engeland in een moslimstaat te veranderen. Dat laatste detail laten de Engelsen uiteraard weg. Dat verhaal is de enige basis voor de datering.. maar het is een geschiedkundige aanpak die zeker en vast in de smaak valt bij de Marokkaanse diplomatie. 
Afgelopen donderdag is er uitgebreid gesproken over de stokoude verhouding in het Grand Committee wegens een Question for Short Debate, van Lord Harrison. De Labour-Lord en de andere Lords, Ladies en Baronessen in het Committee lijken goede vrienden te zijn van Marokko en daarbij helpt het dat zij een buitengewoon gevoel voor humor hebben en zeer beleefd zijn. Overigens wordt Western Sahara wel besproken.

Fransen zijn ook beleefd. En in de Franse Senat zitten stokoude mensen, althans lieden met oude, verstokt koloniale gedachten. Dat blijkt uit dit rapport over een "rustige lente" die Marokko zou hebben beleefd. De kwestie Sahara occidental wordt niet alleen besproken maar de versie met plaatjes van het rapport bevat ook  kaarten van Marokko waarop West-Sahara wordt afgebeeld als integraal onderdeel van het Koninkrijk Marokko.

(dit bericht heeft een update gehad op 16 juli)

maandag 27 mei 2013

Geert genomineerd .. als grootste vijand van Marokko



Onze eigen Geert Wilders is genoemd op de lijst van 50 grootste vijanden van het Koninkrijk Marokko. De verkiezingen van Marokkaanse vijand nummer 1 worden georganiseerd door Hespress. Geert moet het opnemen tegen internationale sterren als Angelina Joli, Javier Bardem, George Clooney en zwaargewichten als presidenten Assad Ahmadinejad en Mugabe. Harde concurrentie wordt zeker verwacht uit Saharaanse hoek waar president Abdelazis en Aminatou Haidar zoals altijd hoge ogen gooien. Ook de Amerikaanse diplomaten Ross en Kerry maken een goede kans hoewel de Algerijnse president Bouteflika toch wordt getipt als de grootste kanshebber, zeker nu die kwakkelt met zijn gezondheid.De hele lijst staat dus bij Hespress in het Arabisch en bij Saauti in het Spaans.

Mensen die last hebben van schaamtegevoelens kunnen eventueel HIER  terecht.

woensdag 22 mei 2013

Wilders' Geinbeweging

Meneer Wilders is een parodistisch politicus. Hoewel hij Marokkanen als Mohamed Rabbae en Raja Felgata niet aan het lachen krijgt, lachen anderen  wel. Wilders is zeker een herrieschopper maar ook een uitgekookte politicus.
Daarom is het verstandig eens te kijken naar de timing van zijn laatste optreden. Dat was een wandeling door de Haagse Schilderswijk naar aanleiding van een bericht in dagblad Trouw over de Islamisering van die wijk. Het kabaal was te horen in de verste uithoeken van de Nederlandse media en leidde uiteraard tot Kamervragen. Maar uiteindelijk zal, na veel gekrakeel, niets bizonders veranderen, want er is in feite niets bizonders aan de hand. Wat een gein.

En toch is er wel wat aan de hand, met name met die Islamitische Marokkanen.
Er zijn namelijk twee militaire overeenkomsten gesloten met het Koninkrijk Marokko. Daar horen wij niets over temidden van al het gekakel over sharia in de Schilderswijk. Het zijn akkoorden waartoe is besloten in een hele andere wijk van Den Haag. Waar men discreet het stilzwijgen kan bewaren over de meest schandalige zaken. En elke afleiding welkom is, zeker uit de hoek van geinporum Wilders.

Militaire samenwerking met Marokko is op dit moment inderdaad een heikele zaak. De Marokkaanse regering verkeert in een crisis na opmerkingen van de extreem-nationalistische Istiqlal leider die niet alleen zijn  PJD collega Benkirane voor rotte vis uitmaakt maar ook heeft opgeroepen tot het veroveren van Algerijns grondgebied. De regering van Marokko heeft het overigens niet voor het zeggen want dat is de koning. En meneer Mohamed VI heeft het moeilijk door de ontwikkelingen in West-Sahara. De Saharawi zijn na de beslissing van de Veiligheidsraad om de vredesmissie met een jaar te verlengen massaal de straat opgegaan en hun ongewapende verzet wordt steeds luider. Het Marokkaanse antwoord bestaat als altijd uit grof geweld. Nu willen de Verenigde Staten graag dat er wat respect komt voor de mensenrechten maar koning Mohamed weet niet hoe dat moet. Hij heeft inmiddels een telefoontje gekregen van Obama met het verzoek om langs te komen.

Het is vreemd dat nu een militair verdrag wordt gesloten met dat land dat  de mensenrechten op grote schaal schendt, en dat op dit moment nog erger doet dan gewoonlijk. Een land dat bovendien het internationaal recht schendt door de bezetting van een groot deel van het buurland West-Sahara. Deze steun aan de Marokkaanse dictatuur is zo schandalig dat men er liever geen discussie over wil en het buiten de media houdt. En dat is gelukt, dank zij Wilders' schijnbeweging.



zondag 28 april 2013

Koud voor de tijd van het jaar



De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft na de ontvangst van een rapport van de SG unaniem besloten om de missie voor het organiseren van het referendum in West-Sahara met een jaar te verlengen. De USA had zelf ook een rapport over West-Sahara opgesteld en wilde een mensenrechtencomponent aan het mandaat van de MINURSO toevoegen.  Maar dat was tegen het zere been van Marokko. De Marokkaans-Amerikaanse legeroefening African Lion werd op het allerlaatste moment afgezegd.  Fassi Fihri, de minister van buitenlandse zaken verklaarde dat het idee de stabiliteit in de regio bedreigd en vloog naar Rusland en China om steun te zoeken tegen het mensenrechtengevaar. Een Marokkaans salafist verketterde de USA. De neutraliteit van de missie werd in twijfel getrokken.  De Marokkaanse minister van binnenlandse zaken verklaarde dat er in het noorden van het land nog veel meer schendingen van mensenrechten voorkomen... Kortom: heel Marokko dreigde collectief gek en dwaas te worden.
Uiteindelijk is de missie door de Veiligheidsraad verlengd zonder mensenrechtencomponent. De koning is opgelucht.

Amnesty International spreekt van een gemiste kans. De solidariteitsbeweging is verontwaardigd. Een eerste verbitterde Saharawi reactie was dat het pacifisme nergens toe leidt.

Een ontploffing van een boiler in een vismeelfabriek in Laayoue, waarbij twee doden en negen gewonden vielen, deed denken aan een aanslag. Zoals in de dagen daarvoor  nerveuze associaties ontstonden van Marokkaanse betrokkenheid bij een brand in de Kennedy bibliotheek in Boston, wegens de Kennedy lobby voor de mensenrechten; of van een Saharaanse link met de ontploffing van een fosfaatverwerkende fabriek in Texas.

Het Polisario gaf echter koeltjes een tevreden verklaring uit over het verlengen van de vredesmissie. Het simpele feit dat de mensenrechtencomponent ter sprake is gebracht door de USA is volgens Polisario vertegenwoordiger Boukhari een hele vooruitgang. Het geduld van het Polisario is kennelijk nog steeds niet op. Marokko maakt nu zelf nog deel uit van de Veiligheidsraad. Volgend jaar zal het punt terugkomen op de agenda en dan is Marokko geen lid meer.

Maar in het bezette gebied zelf zijn de Saharawi's niet geduldig. Zij zijn de straat opgegaan en zwaaien openlijk met de Saharawi vlag. De Marokkaanse reactie is gewelddadig en vooral het geweld tegen vrouwen verhit de gemoederen. Er zijn veel beelden van de gebeurtenissen op Youtube verschenen, en dat is allemaal bewijsmateriaal van Marokkaanse schendingen van mensenrechten. Het monitoren van de mensenrechten wordt ook zonder de VN natuurlijk al gedaan, niet alleen door Saharawi zelf, ook door Marokkanen. En door Amerikanen en Europeanen.

En ondertussen wordt de politieke toestand in Marokko steeds lastiger.

Maar dat alles is in Nederland niet belangrijk genoeg om over te berichten.

Het PvdA-blog Joop heeft alleen een stukje gemaakt over de marathon in de Saharawi vluchtelingenkampen. Vreemde timing, Joop! Er werd al eerder over bericht door het Friesch Dagblad.

Het weekblad Vrij Nederland had vorige week de Marokkaanse politica mevrouw Elatik op de voorpagina. In het uitgebreide portret dat van haar wordt geschetst staat geen woord over haar politieke opvattingen over de toestand in Marokko en de bezetting van West-Sahara. Vrij Nederland vraagt Marokkaanse politici niet naar de opvattingen over West-Sahara zoals geen enkele Nederlandse vragensteller dat doet. De symbiose tussen het Marokkaanse en het Nederlandse koninkrijk maakt dat kennelijk onmogelijk.