woensdag 17 november 2010

de mislukkende mislukkingenpolitiek

Wat is er gebeurd in het bezette gebied? Het verhaal wordt langzaam duidelijker én vreemder.

Het begon allemaal toen begin october een protestkamp werd opgezet bij Gdaim Izik, een tiental kilometers buiten de hoofdstad El Ayun - of El Aaiun in de Spaans/Arabische spelling oftewel Laayoune in de Marokkaans/Franse spelling. Ook bij de steden Dahkla, Smara en Boujdour werden Saharaanse protestkampen opgezet. Het was een verrassende ontwikkeling die werd geleid door mensen ter plaatse. Het kamp bij Gdaim Izik bij El Ayun werd heel populair. Misschien wel omdat de Saharawi's het prettig vinden om bij elkaar te zijn zonder Marokkaanse inmenging. Vergeleken met Saharanen zijn PVV-ers kleffe Marokkofielen.

Het opzetten van een protestkamp in de woestijn is praktisch gezien een grote uitdaging. Er moet voor voedsel en water worden gezorgd dat over grote afstanden moet worden aangevoerd. Tenten moeten opgezet enzovoorts. Het is heet en het is hard werken. Daarnaast had men te maken met de Marokkaanse autoriteiten. Er was een vorm van overleg tussen vertegenwoordigers van het protest en de Marokkaanse autoriteiten. Tot die dialoog bleek men warempel in staat. En de Marokkaanse autoriteiten toonden begrip voor de sociaal-economische eisen en klachten van de burgers over armoede en werkloosheid. Het was een ongekende ontwikkeling. Er was een dialoog gaande!

De kleinere kampen bij Dahkla, Boujdour en Smara werden na enige tijd min of meer geruisloos ontruimd. Maar bij de ontruiming van het grootste kamp bij El Ayun ging het helemaal mis en dat was te verwachten.

Want er was daar al iets misgegaan op een verschrikkelijke manier. De Marokkaanse autoriteiten hadden op een gegeven moment een blokkade van het kamp bevolen. Dus ook een blokkade van de toevoer van voedsel en water door middel van een soort roadblocks. Maar er is in de woestijn geen "road" en het ontwijken van obstakels hoort bij de manier waarop men in de woestijn moet rijden. En gehoorzaamheid aan Marokkaanse autoriteiten wordt niet hoog aangeslagen zeker niet als je voorraden naar je familie moet brengen. Dus het was te begrijpen dat een jonge chauffeur van een pick-up met spullen voor het kamp een bevel tot stoppen van de Marokkaanse troepen negeerde, een roadblock omzeilde en zijn weg vervolgde. De Marokkanen reageerden met mitrailleur vuur. Een jongen van veertien verloor het leven, zijn broer en een paar vrienden raakten zwaar gewond. De vader van de jongen die van niets wist en dagen radeloos op zoek was kreeg later te horen dat zijn zoon als verkeersslachtoffer reeds was begraven. Marokko probeerde vergeefs de zaak geheim te houden. Spaanse journalisten die het verhaal wilden onderzoeken werden het land uitgezet. Het waren vergeefse pogingen. De Saharaanse republiek nam een dag van nationale rouw in acht. De grote nieuwszenders brachten het nieuws. In Nederland werd de regering opgeroepen het geweld te veroordelen. De oproep werd door een griffier van de tweede kamer bestempeld als voor kennisgeving aangenomen en afgedaan.

Ondertussen werden in New York de voorbereidingen getroffen voor de hervatting van het vredesoverleg tussen de diplomaten van de Saharaanse republiek en het Marokkaanse koninkrijk. Het protest in het -inmiddels enorme grote- kamp dreigde een belangrijk onderwerp te worden. Het neerschieten van de jongen was niet alleen onmenselijk maar ook een grove schending van het bestand. Als nu de VN-vredesmissie het kamp onder zijn hoede zou nemen, zou daar net als de vluchtelingenkampen in Algerije, een autonome Saharaanse enclave kunnen ontstaan, onder Saharaans gezag maar binnen het bezette gebied. Het was een mogelijkheid die de Marokkaanse onderhandelaars niet graag op tafel zouden willen zien.

Men had lang gewacht maar uiteindelijk werd door Marokko besloten tot de ontruiming. De start van de vredesbesprekingen in een keurig hotel in New York waren waarschijnlijk de directe aanleiding voor het bevel tot optreden tegen het uitgeputte woestijnkamp. Daar was de spanning al groot door de blokkade en de schietpartij. De elkaar steeds sneller opvolgende berichten over de naderende ontruiming in de woestijn zal bij de mensen hebben geleid tot verdeelde meningen, splitsingen en verschillende keuzes, waaruit een groep ontstond die is gebleven met het doel koste wat kost de enorm opgelopen frustraties grondig af te reageren op de vijand.

De Marokkaanse bevelhebbers schijnen min of meer ongewapende troepen op het kamp af te hebben gestuurd. Misschien was dat eerder, in de geruisloos ontruimde kampen bij Bujdour en Smara, een goede strategie gebleken. Het was een vergissing. De Marokkaanse televisie heeft beelden getoond van de ontruiming waarop soldaten zijn te zien die met messen zijn afgemaakt, en waarop een aantal razende Saharanen zich afreageren. En de ontruiming zorgde slechts voor een verplaatsing van de problemen. Ook in de hoofdstad El Ayun ging de vlam in de pan. Het is een schok voor het Marokkaanse publiek.

De andere kant van het verhaal is mogelijk nog schokkender. Het Marokkaanse optreden heeft zelfs Spaanse slachtoffers gekost.

Een groep Amerikaanse Christenen die al jaren ontwikkelingshulp geven in de Saharaanse vluchtelingenkampen in Algerije melden ook de grote spanningen die zijn ontstaan. De vluchtelingen in het veilige Algerije krijgen telefoontjes uit het bezette gebied met angstige en getraumatiseerde verhalen over de terreur die de naasten ondervinden. Het zijn verhalen over rottende lijken in de straat die niet kunnen worden begraven; over een groeiend aantal rondzwervende kleuters die niet weten waar ze heen moeten. Er is een demonstratie geweest tegen de politiek van de Saharaanse regering in ballingschap en voor de hervatting van de gewapende strijd.

En de Verenigde Naties hebben een kostbare "vredesmissie" in het gebied... Het referendum dat deze missie zou organiseren heeft men laten mislukken. Het beleid is, dat alles wat met de Saharaanse republiek te maken heeft, moet mislukken. Omdat men geen Saharaanse republiek wenst.
Toch bestaat die republiek.

Een reactie plaatsen